maandag, juni 23, 2008

Creatief met tagclouds


Leuk als je van je baas (IBM Research) de tijd krijgt om een 'coole' applicatie te ontwikkelen. Ga naar Wordle en voer een stuk tekst of een username van een del.icio.us gebruiker in. Bovenstaand voorbeeld is mijn tagcloud van mijn del.icio.us account. Nu nog zorgen dat je dit als widget op je blog kunt plaatsen.

maandag, juni 16, 2008

Google: the New Big Evil?

Met een achterdochtige grimas las ik vanmorgen in de NCR Next een artikel over 'hoe Google bedrijfjes helpt hoger te eindigen bij zoekopdrachten op internet'. Veel internetdeskundigen zijn het er al langer over eens dat zoekmachine optimalisatie en adverteren via Google Adwords in veel branches een prisoners dilemma is; partijen zijn elk beter uit om niet te adverteren! (vooral binnen een oligopolie). Het gehele verdienmodel van Google is gericht op prijsopdrijving middels het veilingsysteem van Adwords (diegene die het meeste biedt op een keyword krijgt een hogere ranking binnen de afhankelijke zoekresultaten). Ik verslik mij dan ook acuut wanner ik lees "We willen alleen niet dat bedrijven hun plek bovenaan de zoekmachine kunnen kopen". Hoe moet ik dan de gesponsorde links bovenaan en in lijn met de onafhankelijke zoekresultaten dan plaatsen? Verderop in het artikel: "Bouw je site voor mensen, niet voor zoekmachines", maar Google onderneemt weinig initiatief om sites op basis van Javascript, Flash en Flex te kunnen indexeren. Technologieen die juist heel mensgericht zijn: ze verhogen de gebruikersvriendelijkheid, bieden een effectieve en efficiente interactie (lagere foutmarges), verhogen conversieratio's en resulteren wellicht ook in een lager weigeringspercentage!!

Noblesse Oblige
"Er straalt arrogantie uit het feit dat wij (Google red.) de beslissingen nemen over de vindbaarheid. Daarom willen we dat mensen begrijpen wat er mis is met hun site"
Arroganter is een dergelijke tegenstrijdigheid niet te formuleren!

Daar waar Google de markt van internetstatistieken heeft weggevaagd met de introductie van Google Analytics (een prachtig programma), richt zij haar pijlen nu op de markt voor zoekmachine-optimalisatie. Google gaat bedrijfjes helpen om hun score te verbeteren en ze heeft hiervoor een aparte site opgezet.

Alles wat Google doet, heeft niets te maken met 'nobelheid' (al doet men dit graag zo overkomen), maar is een structurele en weloverwogen invulling van een strategie dat moet leiden tot 'world domination'; Google weet, als geen ander, dat in de 'Long Tail' (nog) veel meer geld valt te verdienen.

Ben benieuwd wanneer Nelie Kroes met Microsoft is 'uitgespeeld'.......

vrijdag, juni 13, 2008

Mea Culpa

Ik predik ruim twee jaar het zakelijk gebruik van Google Apps (for your Domain); een compleet intranet voor je organisatie inclusief mail, shared agenda, shared documents (collaboration), chat, adressenboek en een legio aan iGoogle gadgets waarmee je allerlei bedrijfstoepassingen op je eigen Google startpagina toegankelijk kunt maken (bijvoorbeeld een iGoogle gadget voor je document management systeem waarmee je rechtstreeks toegang hebt tot je managed documenten in je centrale repository). En dit alles voor 0,00 euro (inclusief btw). Het feit dat veel organisaties nog geen gebruik maken van Google Apps (for your domain) heeft te maken met het feit dat men moeite heeft met de gedachte dat al je data niet op de 'eigen systemen' staan. Over onderwerpen als veiligheid en up-time kreeg ik dan ook vaak vragen. Mijn standaard antwoord was dat ik het nog niet heb meegemaakt dat Google offline was......helaas kan ik dit niet meer zeggen.


Sinds enkele weken wordt ik regelmatig geconfronteerd met bovenstaande 503 pagina. Mea Culpa, Google Apps for your Domain is niet een feilloos werkende service......maar mag ik dat verwachten van een gratis dienst?

donderdag, juni 12, 2008

Ik leer.....

Recentelijk discussieerde ik met een aantal mensen over de manier waarop het leerproces middels het web verloopt. Ik had na afloop niet het idee dat ik mijn ideeen in heldere bewoordingen heb kunnen overbrengen. Vandaag las ik een post van John Battelle op zijn Searchblog waarin hij reageert op Nick Carr die zich afvraagt of Google ons niet dommer maakt;

"..when I am deep in search for knowledge on the web, jumping from link to link, reading deeply in one moment, skimming hundreds of links the next, when I am pulling back to formulate and reformulate queries and devouring new connections as quickly as Google and the Web can serve them up, when I am performing bricolage in real time over the course of hours, I am "feeling" my brain light up, I and "feeling" like I'm getting smarter. A lot smarter, and in a way that only a human can be smarter."

Dit is precies wat ik bedoel! Thanx John!

zondag, juni 08, 2008

Een Survival Guide voor publishers?

Open Source of Closed Source is niet een kwestie van geloof!! Het is een kwestie van de realiteit onder ogen komen. Ook de grootste softwaregigant van de wereld sluit zijn ogen niet langer voor dit onafwendbare fenomeen en zoekt aansluiting met het Open Source business model. Mediabedrijven, met name uitgeverijen, kunnen leren van de ontwikkelingen die thans in de softwarebranche gaande zijn. Het toekomstig succes wordt bepaald door de mate waarin deze bedrijven in staat zullen zijn om netwerk effecten in hun productie te implementeren!

Productie en Marketing
De ‘verkoopkracht’ van software bedrijven wordt in toenemende mate bepaald door schaalvergroting in hun productie en in veel mindere mate door hun marketinginspanningen.

Bijvoorbeeld:
Alfresco, het open source alternatief op het gebied van enterprise content management, verslaat concurrenten als Documentum en Microsoft, omdat zij in staat is vaker met nieuwe releases van hun software te komen en sneller inspeelt op waar de markt behoefte aan heeft (bijvoorbeeld integratie met iGoogle en Facebook). Tegelijkertijd weet Alfresco haar prijzen substantieel lager te houden dan bijvoorbeeld een Documentum.

Ook het succes van Linux heeft meer te maken met de productiekracht waarmee de software is en wordt ontwikkeld, dan met haar marketinginspanningen. Sterker, de productiekracht is haar marketing! Het open source besturingssysteem Ubuntu is de eerste met een versie die speciaal bedoeld is voor netbooks (functionele laptops met schermen kleiner dan 10 inch).

Blockbusters!
De meeste traditionele mediabedrijven, zoals uitgeverijen, hanteren ten aanzien van hun online activiteiten de strategie van hergebruik en leverage van hun bestaande content (‘write once, publish many’). Umair Haque typeert in ‘The New Economics of Media’ deze strategie als een Blockbuster; het bedienen van zoveel mogelijk markten, via zoveel mogelijk kanalen in zoveel mogelijke vormen (bijvoorbeeld het ook verkopen van eBooks).

Dergelijke strategieën werken prima in een wereld van massa media waarbij er een relatieve overvloed is aan attentie.

“When attention is abundant and production, distributiebon and retail are scarce, blockbusters achieve an efficient allocation of scarce production resources, by supplying media valued the most highly to the greatest number of consumers within each retail/distributiebon channel: mass media. The unintended consequence is that quality doesn’t drive popularity.”
(Umair Haque)

De gratis kranten (Spits en Metro) hebben dit zeer goed in hun oren geknoopt.

Micromedia: meer van minder!
De ontwikkeling van het internet heeft een tijdperk van verregaande fragmentatie en differentiatie van het medialandschap ingeluid. Dit wordt door velen het media 2.0 tijdperk genoemd (‘een nieuwe verbeterde en significant andere versie van media’). Attentie is een schaars goed geworden! De consument kan uit een veelheid van media kiezen. En de consument is steeds moeilijker te vatten in bestaande segmentatiemodellen. We zijn niet meer media/content gaan consumeren, maar het aanbod is explosief gestegen. Op het internet kan deze explosieve stijging grotendeels op het conto van zogenaamde micromedia geschreven worden.

“Micromedia is media that can be consumed in unbundled microchunks and aggregated and reconstructed in hyperefficient ways. Micromedia explodes media supply and atomizes it”
- Umair Haque -

We consumeren meer stukjes ‘losse’ content (hoofdstukken en paragrafen in plaats van boeken, blogs in plaats van krantenartikelen, nummers in plaats van albums).
We aggregeren en filteren deze losse stukken en voegen onze eigen content en die van anderen toe. Vervolgens publiceren we deze nieuwe content op een blog, die op haar beurt weer wordt hergebruikt;
- wordt ‘ingelezen’ in meerdere RSS feeds,
- wordt geaggregeerd (naar vrienden: Friendfeed, Alert thingy ed., naar platformen Digg, Technorati),
- waarnaar wordt gelinked door andere blogs,
- wordt getagged door del.icio.us,
- wordt geranked (logaritmisch door zoekmachines)
- ............

Kortom, de content wordt geplaatst op een door de gebruiker gecontroleerd netwerk; de toegang tot een gigantische verzameling van nichemarkten via persoonlijke kanalen.

“The microchunk itself becomes an open-access platform within the niche (..) an asset others can reuse to produce complementary goods”

De massa mediale markt wordt verdrongen door micromediale markt. Hierin is sprake van een schaarste aan attentie (vraag en aanbod komen in kleiner verband en op heel veel verschillende plekken bij elkaar) met een overvloed aan productiefactoren, distributie- en retailkanalen.

Uitdaging
De strategische uitdaging voor uitgeverijen is het alloceren van schaarse attentie door het verlagen van zoekkosten, transactiekosten en coördinatiekosten van de gebruiker. Hiertoe dienen uitgevers schaal- en scopevoordelen op het gebied van productie, distributie en retail te realiseren.

Net als in de softwaremarkt zijn het vooral de nieuwe spelers die hierdoor marktaandeel pakken en sneller groeien dan de gevestigde orde.

Welke toegevoegde waarde kunnen ‘traditionele’ uitgevers bieden binnen het micromediale landschap?

Vanuit de wetenschappelijke en professionele hoek is er veel kritiek op sociale media en de rol van User Generated Content. Andrew Keen gaat fel te keer tegen het internet in zijn boek ‘The Cult of the Amateur’ (onlangs vertaald; ‘De @ Cultuur’). Lee Siegel is milder, in zijn boek ‘Against The Machine’ protesteert hij vooral tegen de kwaliteit van content en de grofheid en ongeremdheid van menselijk gedrag op het Internet. Ik denk dat veel uitgevers zich volledig kunnen vinden in deze kritiek....echter, dit is nog geen antwoord op hun problemen.

Welke oplossingsrichtingen zijn mogelijk?

Peerproduction & Crowdsourcing
Het introduceren van concepten als ‘peerproduction’ en ‘crowdsourcing’ binnen het productie-apparaat.
Voorbeeld: Het schrijven van educatieve boeken is zeer arbeidsintensief, heeft een relatief lange time-to-market en is voor relatief weinig docenten weggelegd. Het gezamenlijk ontwikkelen van educatieve ‘chunks’ is minder arbeidsintensief, heeft een snellere time-to-market, en kan door elke docent ontwikkeld worden.
In principe kan elke inhoudsdeskundige (dus ook niet-docenten) waarde toevoegen, bijvoorbeeld door het toevoegen van specialistische content

Slimme Aggregatie
Aggregatie is en principe waarbij content van verschillende bronnen en platformen op een nieuw platform wordt samengevoegd. Dergelijke simpele vormen van aggregatie hebben voor uitgevers geen toegevoegde waarde. In een eerdere post heb ik de nadelen van aggregatie al eens beschreven. Het heeft voor uitgevers geen zin om schaalvoordelen op het gebied van syndicatie te bewerkstelligen; het verhoogt de zoek- en transactiekosten van gebruikers. Uitgevers kunnen slimme functies toevoegen aan aggregatie middels collaborative filtering, recommendation & rating systems, vergelijkingsfilters ed. Slimme aggregatie aggregeert content, verwachtingen van de gebruiker en gebruikersvoorkeuren ten aanzien van de content.

Het creëren en verkleinen van niches
Niches zitten per definitie in de ‘Long Tail’ en zijn ‘oneindig’ in aantal. Hoe kleiner de niche des te beter je als uitgever in staat bent om zoekkosten en transactiekosten voor de eindgebruiker te verlagen en daarmee je toegevoegde waarde te verhogen.
In een kleine niche is slechts ruimte voor enkele spelers; the winner takes it all.

Validatie op basis van reputatie
De kwaliteit van de content wordt bij nieuwe spelers (bijvoorbeeld Digg (social news), Youtube (social media) en Google (search)) bepaald door de massa. Hoe meer sterretjes (Youtube), hoe meer ‘thumbs-up’ (Digg), hoe hoger de ranking (Google) des te relevanter de content. Lee Siegel noemt dit ‘de dictatuur van de meerderheid’ omdat dergelijke mechanismen niets zeggen over de kwaliteit van de content, maar meer over het gebruik. “In een dergelijk klimaat conformeren mensen zich liever, dan dat ze tegen de stroom inroeien” (Emerce, juni 2008).
De toevoegde waarde van dergelijke ratings en rankings is dat ze de zoekkosten verlagen. Met betrekking tot bijvoorbeeld educatieve content is dit niet voldoende. Het leer rendement zit ook in de ‘discours’ rondom een chunk educatieve content. Wanneer de educatieve uitgever haar kwaliteitsstempel hierop afgeeft (dit is goede content, dit is content die je voor het tentamen nodig hebt’), weet de student dat het de moeite waard is zich de content en de reacties, verwijzingen en dergelijke eigen te maken. Als educatieve uitgevers in staat zijn dit vertrouwen met de student op te bouwen, is dit de basis voor meer.

Reconstructie
Reconstructie heeft betrekking op het principe waarbij slim geaggregeerde content wordt gedeconstrueerd en vervolgens op basis van persoonlijke voorkeuren gereconstrueerd tot een unieke gepersonaliseerde chunk content. Bijvoorbeeld; op last.fm kun je eigen playlists maken op basis van die van anderen (aggregeren – deconstrueren). Op basis van deze eigen playlist worden nummers voorgesteld waar de gebruiker niet van het bestaan afwist (reconstructie op basis van collaborative filtering).

Open Source Educatie
In de NCR Next van 5 juni jl. stond een pleidooi van de Open Universiteit voor Open Source Educatie. De principes zijn vergelijkbaar met de hierboven geschetste oplossingsrichtingen;
Validatie door vaknetwerken en pannels van deskundigen, peerproduction en collaborative filtering middels de inzet van leraren, onderzoekers en andere experts verbonden aan universiteiten en hogescholen. Aggregatie, deconstructie en reconstructie door leerlingen waarbij aanpassingen en aanvullingen in kennisbanken worden opgeslagen. Kennisbanken niet zozeer bestaan uit ‘hele boeken’ maar uit componenten (teksten, illustraties, snipits van video en muziekfragmenten, verwijzingen etc.).

Grote traditionele softwarebedrijven hebben lange tijd hun ogen gesloten gehouden voor het open source business model. Maar de wereld is veranderd, en voor closed source software staan zware tijden voor de deur.
Uitgeverijen, te beginnen bij educatieve uitgeverijen, doen er verstandig aan niet dezelfde fout te maken.

Tot besluit....
Een vraag die elke uitgever, geconfronteerd met deze context, stelt;
Is men bereid te betalen voor content?

Nee, men is niet bereid te betalen voor gemiddelde content (zoals die nu in menig studieboek te vinden is).
Ja, men is wel bereid te betalen voor toegevoegde waarde (excellente content waarmee zoekkosten, transactiekosten en coördinatiekosten verlaagd worden). En het is deze toegevoegde waarde die de basis vormt voor nieuwe verdienmodellen.